Onze boeren verdienen meer dan bezorgdheid · Kjeld Mooi
Het college schreef de minister over de zorgen van onze agrariërs. Begrijpelijk, maar zonder concrete gevolgen en voorstellen helpt dat onze boeren niet verder.
Het college van Oldebroek heeft een brief gestuurd aan landbouwminister Jaimi van Essen. Daarin spreekt het zijn zorgen uit over de gevolgen van het stikstofbeleid voor onze agrarische ondernemers. Volgens het college staat hun toekomstperspectief onder druk en moet Den Haag meer rekening houden met de gevolgen voor ons buitengebied.
Begrijpelijke zorgen
Ik begrijp die zorgen. In onze gemeente zijn agrarische bedrijven niet alleen belangrijk voor de lokale economie, maar ook voor het landschap en de leefbaarheid van onze dorpen. Veel boerenbedrijven bestaan al generaties lang. Als een bedrijf moet stoppen, verdwijnt er soms veel meer dan alleen een onderneming.
Bovendien hebben veel boeren de afgelopen jaren geïnvesteerd om aan veranderende regels te voldoen. Het is moeilijk om verantwoord te ondernemen wanneer je niet weet welke eisen over vijf of tien jaar gelden.
Een teleurstellende brief
Toch vind ik de brief van het college teleurstellend.
Het college schrijft zich niet te kunnen vinden in de voorgestelde maatregelen, maar maakt nauwelijks duidelijk welke onderdelen precies onaanvaardbaar zijn. Hoeveel bedrijven in Oldebroek worden geraakt? Welke maatregelen zijn voor hen niet uitvoerbaar? En welke alternatieven stelt het college voor?
Op die vragen geeft de brief geen concreet antwoord.
Dat vind ik opmerkelijk. Juist onze gemeente zou moeten kunnen uitleggen wat het landelijke beleid voor het buitengebied van Oldebroek, Wezep, Hattemerbroek en Oosterwolde betekent. Welke boeren willen investeren, maar krijgen geen vergunning? Welke bedrijven kunnen verduurzamen als ze daarbij ondersteuning krijgen? En wat betekent het uitblijven van een oplossing voor onze woningbouwplannen?
Want ook dat laatste is belangrijk. Het college waarschuwt zelf dat de stikstofproblematiek gevolgen heeft voor woningbouw, infrastructuur en bedrijvigheid. Maar juist daarom kunnen we ons niet veroorloven om de noodzakelijke vermindering van stikstofuitstoot opnieuw uit te stellen. Zolang de natuur onvoldoende wordt beschermd en vergunningverlening juridisch onzeker blijft, ondervinden ook andere inwoners daarvan de gevolgen.
Er liggen al ideeën
Het is bovendien niet zo dat er in Oldebroek geen ideeën bestaan. Al in 2022 presenteerde een groep van achttien agrariërs, De 4 Merken, een eigen gebiedsplan om landbouwbedrijven toekomstperspectief te bieden en tegelijkertijd de stikstofbelasting te verminderen. Dat laat zien dat boeren zelf ook bereid zijn om over oplossingen na te denken.
Ik zou graag zien dat het college daarop voortbouwt. Breng samen met agrariërs en de provincie concreet in kaart waar bedrijven vastlopen, welke mogelijkheden er zijn voor extensivering of verduurzaming en welke ondersteuning daarvoor nodig is. Maak duidelijk wat Oldebroek zelf kan bijdragen en wat daarvoor van Den Haag en Gelderland wordt gevraagd.
Meer dan een brief
Natuurlijk kan onze gemeente het stikstofprobleem niet zelfstandig oplossen. Maar dat ontslaat het gemeentebestuur niet van de verantwoordelijkheid om met concrete voorstellen te komen.
Onze boeren hebben behoefte aan duidelijkheid, niet aan een gemeentebestuur dat alleen hun onzekerheid beschrijft.
Een brief aan de minister kan nuttig zijn. Maar als je namens Oldebroek aandacht vraagt voor de gevolgen van landelijk beleid, mag je ook verwachten dat je duidelijk maakt wat die gevolgen precies zijn en welke oplossingen je voor ogen hebt.
Daarmee zou het college onze agrarische ondernemers wat mij betreft veel beter helpen.
Deze site werkt het best met JavaScript. Contact: hoi@kjeldmooi.nl